
Voortplanting konijnen

Castratie rammelaar
Overweeg je om je rammelaar te laten castreren? Dat is in de meeste gevallen een verstandige keuze. Ongecastreerde mannetjes kunnen sterk hormonaal gedrag vertonen, zoals sproeien, rijden, territoriumdrang en soms ook agressie naar andere konijnen of mensen. Castratie helpt om dit gedrag te verminderen en maakt het vaak makkelijker om je konijn te koppelen aan een voedster.
Een rammelaar wordt meestal gecastreerd vanaf 3–4 maanden leeftijd, zodra de testikels goed zijn ingedaald.
Bij kleine rassen is dit vaak wat eerder dan bij grotere rassen.
Wacht je langer, dan kan hormonaal gedrag (sproeien, rijden, vechten) zich al sterker ontwikkelen. Vroeg castreren helpt om dit te beperken en maakt koppelen vaak makkelijker.
De ingreep
De castratie gebeurt onder algehele narcose. Vooraf controleren we je konijn zorgvuldig om te beoordelen of hij fit genoeg is voor de operatie. Tijdens de ingreep worden beide testikels verwijderd via een kleine opening in de balzak. De huid wordt netjes gesloten.
Konijnen hoeven niet nuchter te blijven voor een operatie – ze moeten juist blijven eten tot aan de ingreep.
Na de operatie
Na de castratie mag je konijn dezelfde dag weer naar huis. Thuis is het belangrijk dat hij goed blijft eten en keutelen. We geven standaard pijnstilling mee, want ook konijnen voelen pijn na een operatie. Controleer de wond dagelijks op zwelling, roodheid of lekkage en neem bij twijfel altijd contact met ons op.
Gedragsverandering
Houd er rekening mee dat hormonaal gedrag niet direct verdwijnt. Het kan enkele weken duren voordat de hormoonspiegel daalt en je verschil merkt in gedrag.
Let op: een rammelaar is na castratie nog 8 weken vruchtbaar. Houd hem in die periode dus gescheiden van niet-gesteriliseerde voedsters om een onverwacht nestje te voorkomen.
Heb je vragen over castratie of over het koppelen van je konijnen? We denken graag met je mee.

Castratie voedster
Overweeg je om je voedster te laten steriliseren? Dat is een belangrijke en verstandige keuze. Ongesteriliseerde voedsters hebben een grote kans op gezondheidsproblemen, zoals baarmoederontstekingen of tumoren op latere leeftijd. Daarnaast kunnen hormonen zorgen voor schijnzwangerschap, nestgedrag, territoriaal gedrag of felheid. Met een sterilisatie verklein je het risico op ernstige aandoeningen én wordt je konijn vaak rustiger in gedrag.
Een voedster wordt meestal gesteriliseerd vóór 2 jarige leeftijd. Ze moet voldoende gegroeid en lichamelijk ontwikkeld zijn om de narcose en buikoperatie veilig te kunnen ondergaan.
Te lang wachten vergroot de kans op gezondheidsproblemen op latere leeftijd. Uit onderzoek blijkt dat het risico op baarmoedertumoren bij ongeholpen voedsters sterk toeneemt vanaf ongeveer 3–4 jaar.
De ingreep
Een sterilisatie is een buikoperatie die onder algehele narcose plaatsvindt. Vooraf controleren we je konijn zorgvuldig om te beoordelen of ze fit genoeg is voor de operatie. Tijdens de ingreep worden de eierstokken en de baarmoeder verwijderd. De wond wordt in meerdere lagen gesloten, zodat deze goed kan genezen.
Konijnen hoeven niet nuchter te blijven voor een operatie, ze moeten juist blijven eten tot aan de ingreep.
Na de operatie
Je voedster mag dezelfde dag weer naar huis. Thuis is het belangrijk dat ze snel weer zelf gaat eten en goed blijft keutelen. We geven altijd pijnstilling mee, want een buikoperatie is een grotere ingreep en goede pijnbestrijding is essentieel voor herstel.
Controleer de wond dagelijks op zwelling, roodheid of lekkage. Merk je dat je konijn minder eet, stil zit, stopt met keutelen of twijfel je over de wond? Neem dan direct contact met ons op.
Gedrag en herstel
Hormonaal gedrag neemt meestal geleidelijk af in de weken na de operatie. Het lichaam heeft even tijd nodig om de hormonen af te bouwen.
Wil je je voedster koppelen aan een rammelaar? Dan is sterilisatie sterk aan te raden voor een stabiele en veilige combinatie.
Heb je vragen over sterilisatie of over het koppelen van je konijnen? We helpen je graag verder.
